beeldtaal.
Blauw kijkt verder dan wat zichtbaar is. De beeltaal is een directe vertaling hiervan. Elk beeld toont iemand die verder kijkt dan wat direct zichtbaar is. Nieuwsgierig, Aanstekelijk en met lef. Op zoek naar wat er onder de oppervlakte zit. Dat is Blauw. De beelden zijn professioneel maar nooit saai. Altijd met een knipoog. Ze zijn professioneel maar niet saai en eigenzinnig genoeg om te blijven hangen. Onze beeldtaal is één van onze distinctive brand assets en een belangrijk element van onze branding.

De blik die verder kijkt.
De merkbeelden van Blauw draaien altijd om één gedachte: verder kijken dan wat direct zichtbaar is. De persoon in het beeld zoekt altijd iets, achter een muur, over een rand, door een opening. Op een plek waar je het niet verwacht of waar het moeilijk begaanbaar is.
Wat de beelden sterk maakt is de overdrijving. De situatie is net iets te letterlijk, net iets gek. Iemand die niet gewoon door een raam kijkt maar er half doorheen hangt. Iemand die niet naast een haag staat maar er volledig in verdwijnt. Die overdrijving is wat het beeld laat sterk maakt. Mensen onthouden wat ze niet verwachten.
Wissel bewust af in de beeldset.
Gebruik beelden met één persoon voor de observator, de enkeling die ziet wat anderen missen. Dat is de Magician-kant van Blauw.
Gebruik beelden met twee personen om de samenwerking te tonen. Blauw samen met de klant, op zoek naar wat er écht speelt. En wissel ook af in hoeveel je van het gezicht ziet.
Een rug communiceert universaliteit, iedereen kan zich er in herkennen. Een profiel of een deel van het gezicht maakt het persoonlijker en houdt de beelden menselijk.

*afbeeldingen zijn conceptueel
onjuist gebruik.
De persoon is altijd het onderwerp. Niet de omgeving, niet het decor. De omgeving ondersteunt. Ze bepaalt de sfeer en de context, maar ze mag nooit afleiden van de persoon. Centreer de persoon in het beeld. Geef hem ruimte maar laat de achtergrond nooit domineren.
Het mag nooit nep aanvoelen. Belichting, locatie en styling spelen een grote rol. Het moet aanvoelen alsof het in Nederland is. Bewolkt, zacht, diffuus. Gebruik dat. Schone, realistische omgevingen werken beter dan gestileerde studio-opnames. Iemand die over een muurtje in een Nederlandse binnenstad kijkt voelt echter dan dezelfde pose in een perfect uitgelichte studio.
Geen stockfoto-poses. Geen handshakes, geen wijzende vingers, geen geforceerde lachjes naar de camera. De personen in de beelden zijn altijd in beweging of in concentratie, nooit poserend.
Geen te drukke achtergronden. Een theaterhal vol stoelen werkt omdat het kleur en ritme geeft zonder te storen. Een drukke straat of een rommelige werkplek trekt de aandacht weg van de persoon.
Geen beelden zonder intentie. Elk beeld moet een duidelijk antwoord hebben op de vraag: waar kijkt deze persoon naar, en waarom is dat moeilijk of onverwacht? Als dat antwoord er niet is, is het geen Blauw-beeld.
Gebruik altijd kleding die past bij de situatie. Waar kan pas de kleur van de kleding aan, of een detail, op de branding kleuren.


